31 mei 2018

De energie, motivatie en het enthousiasme van stagiaires en afstudeerders werkt aanstekelijk

Wanneer is iemand ‘op z’n best’? Vreemde vraag misschien, die wellicht wat nadere uitleg vergt om goed te kunnen beantwoorden. Want ‘best’ is een relatief begrip. Ik doel hier op het moment in iemands professionele carrière, die in feite al begint bij de vak- of beroepsgerichte opleiding. Je ziet dat de eerste twee jaar van HBO-opleidingen vooral theoretisch zijn gericht en bestemd zijn om het kennisniveau van de studenten te verhogen. Maar daarna gebeurt het. Dan gaan ze stagelopen, snuffelen aan het bedrijfsleven en worden ze nòg enthousiaster en gretiger. Want ze maken immers kennis met de wereld waarin zij straks carrière gaan maken. De climax volgt een half jaar later met de afstudeeropdracht. Veel studenten vinden in dat kader een bedrijf of instantie, waarbij ze onderzoek mogen doen, mee mogen werken aan een technisch project of een oplossing moeten zien te vinden voor een nijpend vraagstuk. Juist dit is vaak het moment waarop die studenten ‘op hun best zijn’. Ze staan bol van actuele theoretische kennis, zijn onbevangen, enthousiast, hebben een tomeloze energie en zijn voor vele ‘oude rotten’ in het bedrijfsleven een bron van inspiratie. Ze houden een bedrijf een spiegel voor, omdat ze compleet onbevangen aankijken tegen de procedures die in een bedrijf worden gehanteerd, waarbij er openhartig wordt gereageerd op de mentaliteit die in een organisatie heerst. Zo sprak ik een student die stage had gelopen op de ‘mechanische ontwerpafdeling’ van een universiteit. Daar werden instrumenten ontwikkeld die de faculteiten gebruikten bij het uitvoeren van onderzoek. De student moest een snijapparaatje ontwerpen om biologisch materiaal in gelijke, dunne reepjes te snijden. Binnen een paar dagen stond het apparaatje op het CAD-scherm, klaar om door te sturen naar de instrumentmakerij om daar te laten produceren. Niet dus. Het was ‘beter’ om nog maar een weekje te wachten, anders raakten de faculteiten eraan gewend dat iets heel snel ontworpen kon worden. Beter voor wie? Onze student vond dit volstrekt onbegrijpelijk. Luiheid, laksheid en argeloosheid kwamen nog niet in zijn woordenboek voor en zo waren er nog wel meer ‘organisatorische zaken’ waar onze student met verbazing kennis van nam. Natuurlijk is het niet overal zo, maar het geeft wel aan dat het veel besproken ‘gat tussen opleiding en bedrijfsleven’ beslist niet alleen wordt veroorzaakt door de opleidingskant. Als bedrijven open staan voor de eerlijke kritiek, het ongebreidelde enthousiasme en de tomeloze energie van studenten en afstudeerders, dan wordt dat gat snel kleiner. Juist stageplaatsen en afstudeeropdrachten vullen het veel besproken gat op. Want daarmee kom je heel makkelijk in contact met echte talenten die sneller inzetbaar zijn. Juist daar zitten bedrijven op te azen en toch komen afgestudeerden niet altijd even makkelijk aan een baan. Bedrijven blijven mensen zoeken van 21 met 25 jaar ervaring of mensen met 25 jaar ervaring en de energie en het enthousiasme van een negentienjarige. Zo werkt dat niet. Je zult als bedrijf moeten blijven investeren in opleiding, coaching en training. Want iemand die net is afgestudeerd is nooit meteen 100% inzetbaar. Grijp als bedrijf in ieder geval alle kansen om in contact te komen met talenten. Ook dit jaar wordt er een Young Professional Award uitgereikt, waarmee een aantal Hogescholen alweer volop bezig is. Bedrijven die hierop inhaken komen in contact met technische toptalenten die wel eens de toekomst voor het bedrijf kunnen gaan veiligstellen. Haal daarnaast ook stagiaires in huis en afstudeerders. Goedkopere specialisten zijn er niet. Bedenk tot slot dat het gat tussen opleidingen en bedrijfsleven er altijd is geweest en nooit zal verdwijnen, maar dat we dit gat met z’n allen een heel stuk kleiner kunnen maken. Begin bij jezelf!



TERUG NAAR HET OVERZICHT